Kantoorgebouw Leiedal
Nieuwbouw low-tech kantoren

132 B 01
  • Opdrachtgever
    Intercommunale Leiedal
  • Ontwerpteam
    urbain architectencollectief, hoofdaannemer (architect en coördinator ontwerpteam)
    Sileghem en Partners (stabiliteit)
    Henk Pijpaert Engineers (technieken)
    Bureau Bouwtechniek (duurzaamheid/BIM)
  • Fase
    2020, Open Oproep, 2e laureaat
  • Bouwbudget
    5.500.000 euro excl. btw en erelonen
  • Locatie
    Kennedypark (Kortrijk)
  • Visualisatie 3D
    2G Architectural Graphics
132 I

Het Kennedypark, kind van de tijd, is gebouwd op maat van de auto. Er die­nen zich kan­sen aan om het Kennedypark deel te laten zijn van een oost-west geo­ri­ën­teerd fiets-en wan­del­net­werk. Daardoor kan het Kennedypark aan­slui­ting vin­den met de ande­re ruim­te­lij­ke ont­wik­ke­lin­gen op Hoog-Kortrijk. De ambi­tie van Kortrijk 2025, een ste­den­bouw van het alle­daag­se, kan in de prak­tijk wor­den gebracht. Het nieu­we kan­toor­ge­bouw van Leiedal, een nieuw huis voor de huis­part­ners van Leiedal en ande­re geïn­te­res­seer­de orga­ni­sa­ties, kan een aan­drij­ver wor­den om het Kennedypark te zien en te ont­wik­ke­len als een park­om­ge­ving.

Het voos­tel is een park­ge­bouw dat zich in hoofd­zaak richt naar de fiets-en wan­del­door­steek door­heen het Kennedypark. Langs deze door­steek kan zich een park ont­wik­ke­len met opeen­vol­gen­de open plek­ken naar het voor­beeld van de mea­dow die van­daag gere­a­li­seerd is tus­sen de Villa Voka en laat­ste uit­brei­ding op de Leiedalsite. 

Het park­ge­bouw bestaat uit een gale­rij en een volu­me van 7 vloer­la­gen. Elke vloer­laag heeft een vrij vloer­plan en is vrij opdeel­baar en inricht­baar. Enkel twee cen­tra­le kokers en de ope­nin­gen in de dra­gen­de bui­ten­schil zijn bepa­lend. Voor de raam­ope­nin­gen is gezocht naar een ide­a­le ver­hou­ding tus­sen dag­licht­toe­tre­ding en zich­ten ten opzich­te van de warm­te­ca­pa­ci­teit. Aan de gale­rij zijn lift, trap­pen­par­tij­en en sani­tair gel­inkt. De gale­rij zelf vormt een infor­me­le ruim­te ten opzich­te van de meer for­me­le kan­toor­op­per­vlak­ken die elk auto­noom kun­nen functioneren.

Het gebouw is een no tech gebouw voor­zien van een low tech onder­steu­ning. De prin­ci­pes van het naar voren gescho­ven refe­ren­tie­ge­bouw 2226 van de archi­tec­ten Baumschlager & Eberle gel­den als lei­draad. Ze wor­den bij­ge­stuurd waar nodig. Dit om zoals gevraagd én een low tech én een cir­cu­lair gebouw te rea­li­se­ren op Vlaamse bodem. 

De vrije vloer­plan­nen bie­den een maxi­ma­le plan­flexi­bi­li­teit. Dit laat toe vrij om te gaan met om het even wel­ke kan­toor­in­rich­ting van­daag en mor­gen. Bovendien is het ook moge­lijk ande­re func­ties zoals school- en woon­ruim­tes in het gebouw onder te bren­gen. Er is inge­zet op een zeer goed geï­so­leerd gebouw met veel dag­licht­toe­tre­ding en mooie zich­ten naar bui­ten. Net zoals het gebouw 2226 behoeft het kan­toor in nor­ma­le omstan­dig­he­den geen ener­gie. Het is er in de zomer niet te warm en in de win­ter warm genoeg door de iso­la­tie­waar­den en de iner­tie van het gebouw zelf. Het gebouw wordt natuur­lijk geven­ti­leerd door de ramen te ope­nen. De gale­rij fun­geert als een zon­ne­we­ring in de zomer en een warm­te­buf­fer in de win­ter. In de zomer is de gale­rij open, in de win­ter geslo­ten. Om in alle omstan­dig­he­den, zoals bij­voor­beeld bij een min­de­re bezet­ting van het gebouw of bij een lang­du­ri­ge warm­te­piek, het com­fort te waar­bor­gen is een onder­steu­nend sys­teem voor­zien. Dit onder­steu­nend syteem zorgt voor een bij­ko­men­de mecha­ni­sche ven­ti­la­tie (sys­teem D) via de 2 kokers in het gebouw en een beton­kern­ac­ti­ve­ring (warm/​koud) van de beton­nen vloe­ren. Door het ont­werp van het gebouw wordt de behoef­te aan koe­ling en warm­te gemi­ni­ma­li­seerd waar­door de ener­gie­vraag van het onder­steu­nend sys­teem beperkt blijft. De effi­ci­ën­tie van het sys­teem is hoog en de te gebrui­ken ener­gie is hernieuwbaar.