-
Opdrachtgever
vzw Ter Luchte -
Ontwerpteam
TM Areal Architecten + urbain architectencollectief (architectuur), Studie10 (stabiliteit en technieken), aAD (landschap), Bureau De Fonseca (akoestiek) -
Fase
2026, aanbesteding -
Bouwbudget
27.345.000 euro (incl. btw, incl. erelonen) -
Locatie
Ruddervoorde (Oostkamp) -
Visualisatie 3D
Frame (Brussel)
WZC Ter Luchte
Nieuwbouw woonzorgcentrum en lokaal dienstencentrum te Ruddervoorde
-
Opdrachtgever
vzw Ter Luchte -
Ontwerpteam
TM Areal Architecten + urbain architectencollectief (architectuur), Studie10 (stabiliteit en technieken), aAD (landschap), Bureau De Fonseca (akoestiek) -
Fase
2026, aanbesteding -
Bouwbudget
27.345.000 euro (incl. btw, incl. erelonen) -
Locatie
Ruddervoorde (Oostkamp) -
Visualisatie 3D
Frame (Brussel)
Een zorgomgeving als onderdeel van Ruddervoorde
Het ontwerp voor de nieuwe zorgsite Ter Luchte vertrekt vanuit één duidelijke ambitie: een woonzorgcentrum dat geen geïsoleerde campus vormt, maar een vanzelfsprekend onderdeel wordt van het dorp. Zorg krijgt een herkenbare plaats in het dagelijkse leven, verweven met de publieke ruimte, het landschap en de buurt.
Een nieuwe groene dreef vormt de ruimtelijke ruggengraat van de site. Deze trage verbinding tussen de Sint-Elooisstraat en de Terluchtestraat maakt de site doorwaadbaar en verbindt het woonzorgcentrum met de omliggende woonwijken en het landschap. Langs deze dreef ontstaan een nieuw voorplein, een beschutte parktuin en een groen parkeerbos. Samen vormen ze een helder en leesbaar geheel waarin ontmoeting, natuur en zorg elkaar versterken.
Een groot programma op mensenmaat
Hoewel het programma een aanzienlijk bouwvolume vraagt, kiest het ontwerp bewust voor een kleinschalige architectuur. Het gebouw wordt ontworpen als een reeks geschakelde volumes met verspringende gevels, wisselende bouwhoogtes en een herkenbaar dakenlandschap. Hierdoor sluit het woonzorgcentrum aan bij de schaal en het karakter van Ruddervoorde.
Het gebouw presenteert zich vanuit elke straatzijde op een andere manier. Geen lange institutionele gevels, maar herkenbare volumes die zich inpassen tussen pleinen en tuinen. De architectuur zoekt aansluiting bij de dorpse context en maakt van een groot zorgprogramma een leesbaar geheel met de uitstraling van een woonbuurt.
Een heldere planorganisatie
Het gebouw is opgebouwd uit een reeks woonclusters die onderling geschakeld worden. Elke cluster organiseert een kleinschalige leefgroep rond een groene patio en vormt een herkenbare woonomgeving. Op de raakpunten tussen de clusters bevinden zich de verticale circulatiekernen, opgevat als huiselijke inkomhallen die telkens de toegang vormen tot een leefgroep.
Deze ruimtelijke structuur combineert een huiselijke woonkwaliteit met een efficiënte organisatie. De leefgroepen functioneren zelfstandig, maar blijven onderling verbonden, waardoor bewoners zich in een overzichtelijke omgeving bewegen terwijl medewerkers zich vlot doorheen het gebouw kunnen organiseren.
De gelijkvloerse verdieping vormt de schakel met het dorp. Rond het nieuwe dorpsplein liggen het lokaal dienstencentrum, de cafetaria, kinesitherapie, het kapsalon en andere gemeenschappelijke functies. Samen geven ze het plein een publiek karakter en maken ze van het woonzorgcentrum een open ontmoetingsplek voor bewoners, bezoekers en dorpsbewoners.
Architectuur die wonen centraal stelt
Het ontwerp vertrekt niet vanuit de logica van een zorginstelling, maar vanuit die van een woning en een buurt. Elke leefgroep krijgt een eigen voordeur, een eigen identiteit en een herkenbare woonomgeving. De opeenvolging van inkomhallen, patio’s, leefruimtes en terrassen zorgt voor een rijk en gevarieerd ruimtelijk parcours waarin daglicht, groen en ontmoeting voortdurend aanwezig zijn.
Zo ontstaat een woonzorgcentrum dat zich niet als instituut manifesteert, maar als een vanzelfsprekend onderdeel van het dorp: een plek waar wonen, zorgen en ontmoeten op een natuurlijke manier samenkomen.