Ruimtelijk Streefbeeld sociale woonwijk 't Groenhof
Winvorm OW 0106

opdrachtgever Gemeente Zedelgem
ontwerpteam urbain architectencollectief ism 100Land (Berlijn)
ligging wijk de Leeuw, Zedelgem
status laureaat
datum 2013

Streefbeeld
De wijk de Leeuw wordt zeer sterk bepaald door enerzijds de aanwezig industrie en anderzijds de drukke verkeersaders. De woonwijk De Leeuw ligt in feite in tweede lijn en staat onder druk. De woonwijk ‘t Groenhof is daarbij ook geïsoleerd ten opzichte van de kern van De Leeuw.

Het is de ambitie om het isolement van de woonwijk ’t Groenhof te doorbreken. Dit wordt niet letterlijk opgevat daar het ruimtelijk isolement als een feit moet aanvaard worden. Doorbrekingen in de steenwegruimte naar de woonwijk toe zijn moeilijk te maken en zijn bovendien kostelijk. Ruimtelijk kan men in vraag stellen of deze doorbrekingen wel wat kunnen opleveren.

Er is gezocht om dat isolement op een alternatieve manier te doorbreken, nl. door ruimtelijke samenhang na te streven binnen de wijk. Er wordt gezocht hoe ’t Groenhof en domein Groenhove samen kunnen functioneren en samen een ruimtelijk geheel kunnen vormen ten opzichte van de steenwegruimte, de omliggende industrie, en de woonkern de Leeuw.

1. gevelkamers
In het oorspronkelijke plan met de inplanting van de woonblokken (4 à 6 woningen) zijn een drietal ruimtes afleesbaar die gevormd worden door de gevels van de woningen. Dit wordt als interessant ervaren. We spreken over gevelkamers. Er wordt voorgesteld dit te versterken door de keuze van inplanting van de nieuwe woningen.

2. woonkamers
Het profiel van het publiek domein tussen de gevels van deze kamers is breed. Dit is een van de grootste kwaliteiten van de wijkstructuur. Vandaag is deze ruimte voornamelijk verhard en troosteloos. Er wordt voorgesteld om de verharding terug te dringen, de voortuinzone uit te breiden tot tegen de rijbaan en de aanleg van voortuinen toe te laten en te stimuleren, te vergroenen, …

De gevelkamers worden woonkamers.

Via een participatietraject (1) met bewoners kunnen regels bepaald worden omtrent de invulling van de voortuinen. Zo kan er nagedacht worden over de keuze en hoogte van beplantingen, constructies, … maar ook of voortuinen gedeeld kunnen worden, hoe de inkompaden liggen, ….

3. woonerf
Er wordt een ‘woonerf’ met bijhorend verkeersregime voorgesteld: snelheid 20 km/u, de auto is te gast in de wijk, kinderen spelen op straat, voetgangers doorkruisen de site op straat,.... Het woonerf heeft een duidelijke verkeersstructuur met een lus met eenrichtingsverkeer die verdeelt.
Op de lus zijn een aantal aftakkingen naar parkeerhavens. Hierbij wordt maximaal uitgegaan van de bestaande wegenis.

4. vergroening – zachte randen
In overleg met de bewoners (participatie 1) wordt er gestreefd naar zoveel mogelijk zachte en weinig hoge randen rond de tuinen. Er wordt voorgesteld om garages in tuinen op percelen in eigendom van Vivendo te vervangen. Bij tuinen die uitgebreid kunnen worden is het maken van een zachte rand een voorwaarde.

5. negatieve ruimte – witruimte
De achterliggende wegels en de restruimte buiten het woonerf en de woonkamers vormen de zogenaamde ‘negatieve’ ruimte. Deze negatieve ruimte kan samenvloeien en kan betekenisvol zijn. Het is een ruimte van vernauwingen en verbredingen. Er wordt voorgesteld om deze ruimte spontaan te laten ontwikkelen en niet top-down vorm te geven. Er wordt voorgesteld om in een participatietraject (2) met de bewoners na te denken over projecten/interventies van de bewoners in deze negatieve ruimte. In een participatietraject (3) kunnen samen met de bewoners projecten/interventies worden uitgevoerd.

Begin vorige eeuw hechtte Bruno Taut bij het ontwerpen van zijn Berlijnse ‘siedlungen’ veel belang aan de ‘Gemeinschaftsgeist ‘ en stelde hierover het volgende:
”Hier bleibt eine der schönsten Aufgaben des Architekten, weil sich hier dementsprechend etwas Ueberindividuelles unddeshalb sachlich Geistiges verkörpern muss.”

Groenhove, de omheinde hof, kan binnen Groenhoven deze idee van collectiviteit dragen. De aanwezige haag zorgt voor een zekere afzondering van de particuliere invloedssfeer en voor neutraliteit.

De haag wordt doorbroken in de raakzone tussen groenhove – de negatieve ruimte – woonkamer. Er ontstaat een perspectief vanuit de wijk op de hof en vice versa. Groenhove en ‘t Groenhof blijven hun zelfstandigheid bewaren.

Samen vormen ze ‘Groenhoven’.